Het nieuwe actualiteitenprogramma Uitgesproken op Nederland 2 besteedde op 25 augustus 2011 aandacht aan podiumangst bij beroepsmusici. Naar schatting lijdt eenderde van de professionele musici aan dit probleem. Om de podiumangst te verhelpen, slikken veel musici zogeheten bèta-blokkers, zo blijkt uit onderzoek. In het tv-programma (uitzending van EO) werd deskundige Esther van Fenema (psychiater en violiste) over dit onderwerp geïnterviewd.
Bandcoach was er nog eerder bij dan de EO, want Bandcoach interviewde in oktober 2010 Esther van Fenema al over het onderwerp podiumangst. Hieronder het betreffende interview.
Bandcoach 7 - oktober 2010
Van lezers krijgen we regelmatig de vraag om iets te schrijven over plankenkoorts. We gingen op zoek naar een deskundige en we vonden die in de persoon van Esther van Fenema, psychiater en violiste. Zij behandelt muzikanten die kampen met wat officieel podiumangst heet. Ze heeft ook tips voor de ‘gewone’ plankenkoorts.
Esther van Fenema werkt op de afdeling psychiatrie van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Daar is ze zo’n twee jaar geleden gestart met een muziekpoli; een polikliniek speciaal voor muzikanten met psychische problemen. Voor zover ze weet, is dit de enige psychiatrische muziekpoli ter wereld. “Meteen vanaf het begin hadden we een enorme toeloop van patiënten. Dat kwam mede door de aandacht die we kregen in de media. Maar het laat ook zien dat er blijkbaar veel muzikanten zijn met psychische problemen. Gelukkig is het merendeel goed te behandelen. Podiumangst is de meest voorkomende klacht, zowel in de klassieke als de lichte muziek.” Esther van Fenema studeerde aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam en is afgestudeerd aan het Koninklijk conservatorium van Brussel. Ze deed tegelijkertijd een studie geneeskunde, waarna ze zich specialiseerde als psychiater. Tegenwoordig werkt ze als psychiater in het LUMC in Leiden, waar ook de muziekpoli is gevestigd. Daarnaast treedt ze op als violiste, waarbij ze met name kamermuziek speelt.

“Doordat ik zelf ook optredend musicus ben, kan ik me goed verplaatsen in mijn patiënten. Bovendien heb ik zelf ook een periode van podiumangst gehad, met paniekaanvallen tijdens optredens. Ik weet dus wat het is.”
“Podiumangst is vaak een glijdende schaal”, legt Esther uit. “In zijn meest onschuldige vorm zou je het plankenkoorts of (ietsje erger) podiumvrees kunnen noemen. De zenuwen voor een optreden, zeg maar. Zo lang het de normale ‘vlinders in je buik’ zijn, kan het geen kwaad. Sterker nog, het kan je helpen om gefocust te zijn. Maar het is niet de bedoeling dat die zenuwen je in je functioneren gaan belemmeren. Is dat wel het geval, dan noemen we dat podiumangst.”
Minstens de helft van de patiënten die naar de muziekpoli komen, heeft last van podiumangst. “Verder zien we hier ook mensen met depressie, algemene angststoornissen en bijvoorbeeld ADHD. Mensen met ADHD kunnen vaak wel goed functioneren als ze zich alleen maar op hun instrument hoeven te richten, omdat daar hun passie ligt. Op het moment dat ze naar het conservatorium gaan, krijgen ze ook bijvakken. En dan uiten zich alsnog de concentratieproblemen die met ADHD gepaard gaan.” Soms gaat het om een combinatie van klachten, waarbij ook podiumangst in het spel is. “Dat is niet zo verwonderlijk”, aldus Esther. “Het is immers moeilijk musiceren als je depressief bent. Dat kan podiumangst teweegbrengen.”
Esther weet dat er in de muziekwereld een taboe ligt op psychische klachten die zijn gerelateerd aan het muzikant zijn. “Het liefst doen muzikanten alsof de klachten niet bestaan, niet bij zichzelf en niet bij anderen. Maar ik weet zeker dat er veel muzikanten zijn met psychische problemen, waaronder podiumangst. De mensen die ik op de muziekpoli zie, vormen slechts het topje van de ijsberg.”
Esther pakt er wat literatuur bij. “In een Amerikaans onderzoek zijn ruim tweeduizend musici ondervraagd. Van hen bleek 24 procent podiumangst te hebben, 30 procent gebruikte bètablokkers, 17 procent was depressief, 13 procent had algemene angstklachten en tot 70 procent van de muzikanten gaf aan soms podiumangst te ervaren. Kortom, in Amerika hebben veel muzikanten last van podiumangst en andere psychische klachten. In Nederland is dat ongetwijfeld ook het geval.”
In de opsomming noemden we het gebruik van zogeheten bètablokkers. Dat zijn geneesmiddelen die in het algemeen worden voorgeschreven aan patiënten met hart- en vaatziekten. Bètablokkers maskeren ook een aantal ongemakkelijke lichamelijke uitingen van angst en spanning, zoals versnelde hartslag, zweten en trillen. Je kunt er dus ook als het ware je ‘zenuwen’ mee onderdrukken. “Het gebruik van bètablokkers zie je vooral in de klassieke muziek”, merkt Esther op. “Als er in de lichte muziek naar middelen wordt gegrepen, dan zijn het meestal alcohol en drugs. Niet dat dat helpt trouwens, want het middel is erger dan de kwaal. Overmatig alcoholgebruik kan juist tot angst en depressie leiden. Bovendien zijn alcohol en drugs funest voor je timing en motoriek, en op termijn ook voor je gezondheid. Daar ligt dus niet de oplossing voor podiumangst.”
In de klassieke muziek is het doorgaans allemaal wat preciezer dan in de lichte muziek. Als een noot ook maar een beetje verkeerd is, hoor je het meteen. Je zou daarom denken dat podiumangst meer voorkomt in de klassieke muziek dan in de lichte muziek. “Tot op zekere hoogte is dat zo, maar het is me opgevallen dat er ook veel mensen in de lichte muziek podiumangst hebben”, zegt Esther.
“Dat uit zich dan bijvoorbeeld in het feit dat het niet meer lukt om te improviseren. Daar is wel een verklaring voor. Heftige stress kan drie primitieve reacties tot gevolg hebben: vechten, vluchten of bevriezen. Bij iemand die niet meer kan improviseren, is vaak sprake van bevriezen.”
Stress is van oorsprong bedoeld als een levensreddende reactie op gevaar. Door stress komen namelijk bepaalde stoffen vrij die je extra sterk kunnen maken en je minder gevoelig maken voor pijn. Dat was nuttig voor onze voorvaders als ze bijvoorbeeld een roofdier tegenkwamen. Stress gaf ze dan extra power om te vechten of te vluchten. Maar stress is bedoeld voor het acute moment. Te veel en te lang is niet goed voor je geestelijk en lichamelijk welbevinden. Van chronische stress kun je zelfs ziek worden. “De één kan beter met stress omgaan dan de ander”, legt Esther uit. “Dat heeft deels met erfelijke aanleg te maken. Daarnaast spelen omgeving en omstandigheden ook een rol. Wie muzikant wordt, kiest voor een werkomgeving met veel stress. Dat geeft een extra risico op psychische klachten, zeker als je er aanleg voor hebt.”
Zouden veel muzikanten in aanleg al gevoeliger zijn voor psychische klachten? “Dat is een interessante vraag, waar ik graag onderzoek naar zou doen”, antwoordt Esther. “Muzikanten zitten in de top vijf van stressgevoelige beroepen. Ze zijn een enorm hoge risicogroep als het gaat om het ontwikkelen van psychische klachten.” Naast eventuele aanleg spelen omgevingsfactoren zeker een rol. “Sommige muzikanten kunnen als kind enorm zijn gepusht door streberige ouders. Het muzikant zijn is dan heel sterk verbonden met hun zelfbeeld. Als ze dan een fout maken, is dat voor hen falen als mens.” De patiëntenpopulatie van Esther omvat alle leeftijden. “Oudere muzikanten kunnen klachten krijgen doordat ze de hete adem van de jonge generatie in hun nek voelen. Dat wordt nog iets erger als ze voelen dat ze door hun leeftijd lichamelijk achteruitgaan en het musiceren daardoor moeilijker wordt. Dat zie je nog wel eens bij blazers.”
Daarnaast komen er opvallend veel conservatoriumstudenten naar de muziekpoli. “Ik merk dat er op conservatoria weinig aan coaching wordt gedaan, waardoor studenten in de knoop kunnen komen. Wat je bij conservatoriumstudenten nog wel eens ziet, is dat ze in het dorp waar ze vandaan komen een ‘hot shot’ waren. Vervolgens komen ze op een conservatorium, waar allemaal ‘hot shots’ zitten. Dat komt voor sommigen hard aan.”
Wat ook meespeelt, is de factor concurrentie. Die kan in de muziekwereld behoorlijk hevig zijn. “Met als gevolg dat muzikanten niet graag hun zwakke kanten laten zien, want dat kan tegen ze gaan werken. Ook zie je dat in de muziekwereld perfectie de maatstaf is, mede doordat alle cd-opnames door mastering per fect klinken. Het valt me trouwens ook op dat de patiënten die ik op de muziekpoli zie vrijwel allemaal perfectionistische, gedreven mensen zijn. Op zich goed verklaarbaar, want het is een eigenschap die je nodig hebt om goed muziek te kunnen maken. Maar het kan zich ook tegen je keren.”

Een muzikant met podiumangst heeft eigenlijk een beroepsziekte. Zoals een stratenmaker last kan hebben van zijn knieën en een computerprogrammeur van rsi. Maar bij muzikanten komt er iets bij, heeft Esther ontdekt. “Voor een muzikant is het muzikant zijn niet alleen zijn of haar beroep. Het is ook een passie, een levensinvulling. Muzikant zijn is geen beroep, je bént muzikant. Muziek maken komt voor een muzikant heel dicht bij zijn ‘mens zijn’. Als een muzikant een fout maakt op het podium, kan hij dat ervaren als falen als mens.” Psychische klachten bij muzikanten zijn dus niet een ‘gewone’ beroepsziekte. “Bij veel andere beroepen kun je op zoek gaan naar andersoortig werk, als het bestaande beroep klachten geeft. Voor muzikanten ligt dat heel anders. Je kunt niet zomaar tegen een muzikant zeggen: misschien moet je maar een ander vak kiezen”, schetst Esther.
Esther ziet veel zogeheten traumatische podiumangst. “Een muzikant heeft dan een keer een slecht optreden gehad of een grote fout gemaakt. Bij sommige mensen wordt zo’n traumatische ervaring niet goed in de hersenen opgeslagen. Bij elk volgend optreden komt dan die herinnering terug en ontstaat er podiumangst. Wat je ook ziet, is dat sommige muzikanten altijd al erg nerveus waren en na zo’n slechte ervaring daar nog meer last van krijgen.” Podiumangst kent een breed scala aan symptomen. Dat kan beginnen met al lang voor een optreden nerveus te zijn. Dat kan zo erg zijn dat mensen moeten overgeven, niet meer slapen en maag-darmklachten krijgen. Eenmaal op het podium kan de angst zich uiten in een paniekaanval: trillen, zweten, een droge mond, hartkloppingen en de angst om gek te worden of dood te gaan. “Het gebeurt zelfs wel eens dat mensen in paniek het podium af rennen”, weet Esther.
Podiumangst heeft ook op de lange termijn effect. Mensen melden zich ziek en zijn lang uit de running. Ze komen nauwelijks meer op straat. Ze durven geen audities meer te doen en komen noodgedwongen in een slecht betaald schnabbelcircuit. Ook kan de stress allerlei lichamelijke klachten veroorzaken. Ellende dus. Goed te behandelen Gelukkig is het merendeel van de muzikanten met podiumangst en andere psychische klachten goed te behandelen, heeft Esther ervaren. “Soms schrijf ik tijdelijk medicatie voor, om mensen eerst wat te stabiliseren. Gesprekstherapie of andere therapie slaat dan beter aan. Uiteindelijk lukt het om de meeste muzikanten weer te laten functioneren, hoewel bij sommigen de gevoeligheid blijft.”
Tot zover de ‘heftige kost’: de podiumangst die ten koste gaat van je functioneren als muzikant en waarvoor het verstandig kan zijn om professionele hulp te zoeken. Wat kun je doen aan de ‘gewone’ plankenkoorts, zeg maar de zenuwen voor een optreden? Een aantal muzikanten kan daar behoorlijk last van hebben, waardoor ze minder goed musiceren dan ze zouden willen. Esther heeft een aantal adviezen: “Belangrijk is dat je een voor jou veilige situatie creëert. Dat doe je door in ieder geval goed voorbereid te zijn en de stukken door en door te kennen. Dan kan het dáárdoor in ieder geval niet misgaan. Het is ook van belang dat je thuis studeert op de tijd waarop je uiteindelijk moet optreden. Je lichaam kan ‘s ochtends of ‘s avonds heel anders reageren.”
Ze vervolgt: “Zorg ook dat je goed uitgerust bent, dat je je lichaam goed voelt en dat je ademhaling voor het optreden rustig is. Zorg er ook voor dat je tijdens het optreden niet wordt overvallen door dingen waar je niet op had gerekend. Wees daarom op tijd, zodat je de tijd hebt om ter plaatse de situatie te verkennen. Neem ook de tijd voor een goede soundcheck. En, zeker zo belangrijk, durf te accepteren dat je wat minder presteert als de omstandigheden tegenzitten. Het is bijvoorbeeld lastig spelen met een slecht podiumgeluid. Als er op dat moment niets aan is te doen, probeer er dan het beste van te maken. Accepteer dat je hebt gedaan wat je kon en ervaar het niet als een persoonlijk falen.”
Door Fred Meijer
Met dank aan Esther van Fenema, violiste en psychiater aan het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).
Esther heeft daar de muziekpoli opgezet, die onderdeel is van de afdeling psychiatrie. Voor meer informatie: tel. 071) 526 37 85.
Informatie uit Bandcoach Magazine:


In Bandcoach 15 (feb./mrt. 2012)
En nog veel meer!
Groot aanbod workshops GESEL XL
Gevarieerd programma Amersfoort Jazzfestival